e3prijs_snelste_2013

Vrije meningsuiting en humor

Reclame voor Toyota die eindigt met een pa die zijn dochter afzet als ze naar het Amerikaans leger vertrekt:

Parodie voor Saturday Night Live waar een pa zijn dochter afzet als ze met IS vertrekt:

Er zijn wat mensen die niet met de parodie kunnen lachen.

Wat dichter bij huis: Peter Sagan knijpt in 2013 in de poep van een bloemenmeisje (en verontschuldigt zich daarvoor):

De organisatoren van de E3-prijs 2015 verwijzen met een kni(j)poog naar bovenstaand accident in een spandoek (maar bergen die plannen al gauw op omdat het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen met een rechtszaak dreigde):

e3prijs2015_kont

Het moet gezegd dat ze bij de E3 wel vaker controversiële spandoeken (laten) maken. Zo was er al het bloemenmeisje Germaine, en eentje met Gaëlle (die toen net in de Playboy gestaan had) waarmee hun vorige sponsor KBC niet echt kon leven.

e3prijs_loh_germaine_e3_prijs__2__2

e3prijs_2013_kinderen

e3prijs_snelste_2013
e3prijs_gaelle_2011

De reactie van het voorzitter van het organiserend comité in 2011, nadat sponsor KBC vond dat de affiche niet kon:

Ons opzet is geslaagd: iedereen heeft onze affiche gezien. De E3 staat er nu al.

Zo gaat het dan, met reclame.

Leestips:

  1. Streisandeffect
  2. Thought police (laat ons eerlijk zijn: niet enkel de overheid speelt thought police maar iedereen binnen onze maatschappij heeft blijkbaar het recht om geschoffeerd te raken)
Opiniestuk van Murielle Scherre in ZO

Over La Fille d’O, entrepreneurship en België

Ik weet mooie lingerie te appreciëren maar voor de rest ken ik er weinig van hoor. Dit weekend viel een opiniestuk van Murielle Scherre – zaakvoerder van belgisch lingerie-merk La fille d’O met een heel uitgesproken, no bullshit branding – te lezen in ZO, een maandblad uitgegeven door UNIZO.

Opiniestuk van Murielle Scherre in ZO

Ik vind de quote naast het opiniestuk wat jammer. De quote voelt negatief aan, is meer gezaag en afgunstig dan een oproep tot initiatief en ondernemerschap. “Lef tonen, er gewoon aan beginnen: dat is ‘ondernemen'” ware beter geweest. Maar daarom niet correct.

Een zaak beginnen, dat is niet zomaar in het duister springen. Je moet aan marktonderzoek doen, valideren of je product (al dan niet een dienst, wat typischer is voor België) en je business model wel steek houden en nog zoveel meer.* Liefst vooraleer je jezelf een loon uitkeert dat lager is dan wat een dopper zou verdienen. Maar goed, het is dan weer wel de normaalste zaak dat de werkgever als laatste aan de kassa passeert. Jammer genoeg beseffen wij Belgen dat niet.

Lef tonen, er gewoon aan beginnen: dat is ‘ondernemen’. – Murielle Scherre

Voor de volledigheid, een reclamefilmpje van La fille d’O:

* Een startup is een organisatie die op zoek is naar een business model dat op lange termijn kan overleven. Misschien heeft La fille d’O dat business model nog niet gevonden? Who knows, ik heb geen intern zicht en zou het an sich ook niet moeten hebben. 🙂

* (bis) Tools die je kunnen helpen bij die allereerste validatiestappen zijn het Business Model Canvas en het Value Proposition Canvas. Zij zouden je moeten leiden naar een product-market fit. En dus ook moeten vermijden dat je als zaakvoerder jezelf te weinig loon uitkeert. (Wat niet wegneemt dat de loonkosten in België hoger zijn dan elders in de wereld, maar ik denk dat de branding van La fille d’O sterk genoeg is om meer te vragen.)

Onzichtbaar

There is more to it than what meets the eye.

Er gebeurt veel in de wereld. Zoveel dat weinigen nog alles gezien hebben. Het draait dus om aandacht te pakken krijgen. Ik integreer alles op drie punten (en dan heb ik het over zelf aandacht geven, maar je zal merken dat het eigenlijk draait om aandacht krijgen – it’s called paying it forward):

  1. mijn twitterfeed met de dagdagelijkse ramblings en ontdekkingen van de mensen die ik volg. Staat eigenlijk constant open. Het is vrij zichtbaar als je daar iemand zijn nickname vermeldt, die mens ziet dat (tenzij hij er niet mee kan werken) en durft dan wel eens te reageren en te converseren met u. Maar dat wil dan ook wel zeggen dat iedereen eigenlijk in zijn “mention”-feed moet leven, in plaats van in zijn gewone timeline.
  2. Mijn feedreader, die tegenwoordig ook een sociaal netwerk blijkt te zijn, je kan er mensen volgen en zo de blogposts (nou ja, RSS-items) zien die zij delen met hun volgers. Zo blijk ik daar 70 mensen te volgen, maar dat is gewoon een extraatje. De hoofdmoot zijn de 631 RSS-feeds (vooral blogs), die dagelijks 200 posts op mij afvuren zonder dat ik elk van die 631 sites moet afgaan om te zien of ze iets nieuws online gegooid hebben. De feedreader haalt alles binnen, en zegt het mij wat nieuw is of wat ik al gelezen heb. Het Journaal van op tv, maar dan online en enkel over wat u interesseert.Vroeger ging men de bookmarks in de browser af, en als er iets nieuws was en ge vond het goed of ge had een opmerking, dan liet ge ne comment achter. Den auteur was content dat er iemand reageerde, en den commentator kon een link naar zijn eigen blog achter laten. Zo leerden de mensen elkaar kennen en begon het.

    Maar nu, met die Google Reader en al. Als ge iets goed vindt, dan deelt ge dat met uw 51 volgers in Google Reader en dan denkt ge dat ge den auteur een dienst bewezen hebt. Terwijl er nog die protected twitterfeed is met 2081 volgers, en een blog waar ge alles op kunt gooien, en delicious waar je echt alle goeie artikels bijhoudt. Maar dat gebeurt dus maar zelden, ’t moet al echt goed zijn en vooral: ge moet zelf moeite doen. En dan komt er nog eens bij dat de oorspronkelijke auteur niet gezien heeft dat ge het gedeeld hebt.

  3. Offline: buiten komen en praten met de mensen. Vragen stellen en luisteren. En dan weer vragen stellen. Maar hier is het lichtjes anders: mensen nemen u nogal gauw in vertrouwen en dat moogt ge niet beschamen. Online is dat wat anders, zo goed als iedereen zet online wat hij zelf wilt en daar is de kous dan mee af.Maar goed, offline dus. Mensen beseffen niet altijd dat ze heel wat vertrouwen krijgen. En dan praten ze, en praten ze maar. Er worden dingen gezegd waar je zelf geen weet van hebt. Er kan niet bevestigd noch ontkend worden. Voor merken is dat een groot probleem. Marketeers hebben daar zelfs geen vat op. Ze denken nu dat, met al dat (online) conversation (mis)management, alles onder controle is. Maar de offline communicatie tussen mensen, daar hebben ze nog steeds geen vat op.

Michel Daerden ontcijferd

Meneer de voorzitter, waarde collega’s,

we zijn ons al jaren bewust van het probleem van de vergrijzing, en dat ondanks de opeenvolgende regeringen het probleem onopgelost blijft. Ik ben akkoord. *gelach* Onopgelost blijft.

Als we bereid zijn ons werkelijk over dit probleem te buigen en het te bestuderen in z’n geheel, lijkt het mij niet goed, om overhaast te werk te gaan.

Dit zou immers weer kunnen leiden tot puur demagogische en electoralistische schijnoplossing. Sinds mijn aantreding heb ik contact opgenomen met de verschillende sociale gesprekspartners en verschillende vertegenwoordigers van onze ouderenverenigingen om te proberen de zaak af te ronden. Tot eind december, tot eind december werden er vele vergaderingen gehouden. De werkzaamheden zijn er goed gestart, en ik hoop van harte om in de komende weken een eerste tussentijds verslag te kunnen indienen bij de regering. Voor mij, voor mij, dit verslag zal een soort groen boek worden *applaus*, groen boek worden *gelach* dat hopelijk de goede vragen zal stellen. Ja, ik hoop dat. Ha. Aja. Het groene boek zal vervolgens onderworpen worden aan een brede discussie, die wat me betreft, wat me betreft, moet aanvangen in de verenigde commissies van de Senaat en de Kamer, als de voorzitter akkoord is. Aja, ik weet wat dat is. We zullen zien. Voorzitter: Als u mij dat vraagt. Aan het einde van deze brede discussies hoop ik, voor het einde van de eerste helft van 2010, tien he, een samenvattend verslag: wit boek, wit boek, wit boek, dat zal u zien, wit boek, te kunnen voorleggen aan de regering. Groen boek, en daarna wit boek. He. Dit zal ook dienen als vertrekpunt voor de discussie over het Belgische EU-voorzitterschap in de tweede helft van 2010. Dank u.

– Michel Daerden, Minister van Pensioenen en Grote Steden

De volledige context (en een al dan niet betere transcriptie van het antwoord van minister Daerden) vind je op de website van de Senaat.

Nu, ge kunt er mee lachen dat die mens daar zat stond (wat nog te betwijfelen valt), ge kunt u ook met de inhoud bezig houden en zeggen: “allez, hij en zijn medewerkers hebben toch een plan van aanpak, en ze zijn er mee bezig dat plan uit te voeren”.

Waarom stelt niemand zich de vraag waarom er alleen ouderenverenigingen gecontacteerd worden? Het zijn tenslotte de jongere generaties die de pensioenen gaan moeten betalen!

Neen, “we” lachen liever met de concepten van gekleurde boeken… Moammar al-Qhadafi, Libisch revolutionair leider, heeft in 1975 een Groen Boek uitgebracht waarin hij een maatschappijvorm beschreef die het midden houdt tussen kapitalisme en communisme. In’t algemeen zijn zo’n gekleurde boeken een verzameling standaarden of specificaties of visies. IBM heeft een ganse verzameling Redbooks. Een wit boek is volgens Google blijkbaar een typisch overheidsrapport.

Ik hoop dat 2010 een jaar wordt waarin we allemaal verder dan onze neus lang is proberen te kijken!

Over die keer

Over die keer dat ik als klein manneke patatten moest helpen rapen op een veld van mijn grootouders, en dat ik geen goesting meer had en dat mijn peter zaliger toen zei

“allez jong, doet es voetsj, ik heb der hier al ne zak vol en gij nog ni!”

en dat ik antwoordde

“jamaar peter, dat is niet eerlijk, uw armen zijn veel langer dan de mijne”.

Ja, veel meer dan dat valt daar niet over te zeggen hoor, behalve dan dat we die anecdote meerdere malen per jaar naar boven halen.

Moeilijk

In de Jobat van afgelopen weekend stond er een tamelijk interessant interview met Peter Samyn, hoofd Personeel en Organisatie van de FOD Volksgezondheid (en ook HR-manager van het jaar 2009). Het ging over de besparing van 125 miljoen euro op de personeelskosten bij de overheid en het verhogen van de efficiëntie. Ik ga enkele passages citeren, voer tot nadenken voor jullie…

Het huidig probleem van de overheid is ontstaan in de jaren 70 en een eerste stap naar betere efficiëntie:

In de jaren ’70 heeft men massaal werklozen gedropt in de administratie onder het motto ‘hou ze nuttig bezig’. Een organisatie zoekt dan ook manieren om dat te doen. Nu opeens efficiënter werken, doe je niet zomaar door de budgetten te verlagen. Je moet nadenken hoe de processen efficiënter te maken, personeel polyvalenter maken, … Investeren in personeel en organisatie lijkt mij de grootste prioriteit. Daarnaast moeten we zoeken naar shared services [diensten die in elke FOD zijn centraliseren in één aparte dienst voor alle FOD’s] en outsourcing.

Ik ben geen fan van outsourcing. Projecten moeten uitgevoerd worden door mensen die geen kennis hebben van de business, wat dus resulteert in slechte resultaten. Verder is outsourcing nogal duur: een consultant kost al gauw 500 euro bruto per dag (da’s 10.000 euro per maand!).

Over het gebrek aan integratie:

De verdienste daarvan [Copernicus] was dat het een geïntegreerd plan was. De kerntaken van de overheid, de rol van de politiek tegenover de administratie, de hele beheerscyclus, … Dat werd allemaal in vraag gesteld. Dat geïntegreerde is nu volledig zoek. De regering neemt initiatieven zonder de consequenties, het grote geheel te bekijken. De logica is puur budgettair gericht. Dat debat mis ik trouwens niet alleen op federaal vlak, maar ook op het niveau van de gewesten en gemeenschappen. Gebeurt er geen dubbel werk? Die vraag wordt nauwelijks gesteld.

Dit is een zeer terechte vraag. Het is ook niet evident om “dubbel” werk te vermijden hoor. Elke werkgever heeft bijvoorbeeld andere regels om zijn personeelsbestand te beheren…

Sowieso iets om bij stil te staan. De rol van de overheid is iets wat permanent ter discussie staat. Ik zal er dus geregeld een stukje van toelichten.